|
Daar op die trap
© Aimée Terburg
2005
Ogen
heb ik. Aan alle kanten ogen die naar binnen en naar buiten kijken.
Zie door mijn ogen terwijl ik jou bekijk. Voel mijn huid van binnenuit,
terwijl ik jou betast. Praat hardop terwijl ik luister, roep en
volg. Pas je aan, aan mijn ouderdom of bouw je eigen muren binnen
mijn grenzen.
Wie heb ik hier in me. Streel ik jou met mijn ruwe binnenkant. Schuur
ik je teveel weg? Of kijk je liever door mij heen naar de groene
wereld buiten. Past je plan in mij of pas ik in jouw plan? Pas je
mij? Pas mij. Pás je mij. Voel mij. Pas je mij. Meet mij.
Aarzel niet. Begin maar boven waar je hoofd zal rusten en je dromen
zullen zwoegen om een beeld te maken dat helder is als je wakker
bent. Als je luistert in je slaap fluister ik je toe. Door mijn
kleinste oog zul je de groene kant in het donker zien, soms verzilverd
door de maan. Door mijn andere ogen de versteende wereld beneden,
vergeeld door gevangen zonnen.
Of wil je mijn binnenste poetsen. Sporen van eerder hinderen soms
het denken, vertragen het zicht. Mijn glittervloer leidt je veilig
terug naar de trap. Loop de trap voorzichtig af, hij is steil en
blijf staan na de laatste tree. Wil je naar de groene kant of wil
je naar de versteende wereld?
|
| |
...boodschappenlijst maken voor thuis, begroting maken voor het
hout, het wordt sowieso hout, dus eerst meten, wat moest ik nou
nog meer doen. werktitel bedenken, wat voor hout, vast nog ergens
wat over van dat ding, die ook opmeten. agenda checken plus invullen.
cd’s op meeneemlijst zetten. planning voor brainstorm. thuis
de meeting doen, niet in SYB, die muren leiden zo af, straks willen
ze daar wat mee doen. ik wil dat wegwerken, nieuwe wanden zetten
is beter. de tijd, dat is een goed thema misschien, in ieder geval
als starter. niet vergeten te tanken, telefoonnummer SYB doorgeven
aan...
|
|
Loop eerst maar rond als je het niet weet. Ik jaag je niet op. Begin
bij de hoek van het aanrecht, linksom langs de trap naar boven,
een paar keer tegen de klok in. Zie je rechts het dak van de buren?
En nog een paar keer rond. Stop en sta stil bij het aanrecht, leun
maar even. Beneden trekt alles voorbij, gaat alles door, wat je
ook doet. De klok van hiernaast loopt altijd, altijd in het zicht.
Jouw hartslag kan de tijd bedwingen. Jij kunt het beheersen. Haal
goed adem, sta echt stil. Als je mijn slag zo niet voelen kan, druk
dan met je wijsvingers je oren stevig dicht.
Ga eerst weg. De afstand zal je gedachten scherpen. Maak je geen
zorgen, ik blijf staan en verander niet. Alleen in jouw hoofd verander
ik, voor niemand ben ik hetzelfde. Ik zal bij jou zien hoe ik veranderd
ben, als je terug bent, als je luistert in je slaap. Rust anders
even in die vensterbank, in die hoek met je rug naar de gestapelde
stenen. Ik verroer me niet. Rust even uit, kijkend over de toppen
van de bomen. Ik beweeg me niet.
Doet het je denken aan je oude dorp, loop nog een rondje rechtsom.
Past het in je plan, loop nog een rondje rechtsom. Zie je links
mijn blik op het oude, matte oog van hiernaast? Een oog en een oog
bekijken elkaar al zo lang. Te allen tijde. In het donker zelfs,
zien we nog. Maar mijn oog staat stil zonder jullie, staat stil
zonder jou. Kijken is niet hetzelfde als zien. Wie ben ik voor jou,
hoe kan ik je leren kennen? Ik laat je eerst gaan. Langs het asfalt.
Aan je linkerhand de korte, witte cadans, rechts de witte doorgetrokken
lijn die zingt. Samen brengen ze jou terug naar mij.
|
|
|
|
...kan ook bovenin openstellen, een showroom van bewoning. nee,
de schijn van bewoning door een niet aanwezig fictief persoon. die
wek ik tot leven door de omgeving in te richten boven. maar dan,ja,
het proces beneden laten zien in tekeningen wat boven veranderd
is. desnoods pit ik in dat keldertje en, wacht, dan kan ik dat als
slaapplek van die persoon inrichten en zelf gewoon boven slapen.
nee, dat is niet geloofwaardig. in wisselwerking kan ik veel beter
die persoon opbouwen. dan vraag ik er iemand bij die als tegenpool,
ja, dan kan ik beter een uitdaging, maar dan zitten we, moet die
dan meedoen aan het project. dat hoeft niet natuurlijk. het is een
kans op vervolg van mijn, ik denk dat die beelden van vroeger, dat
jeugdverhaal is een...
|
|
Beneden in mij is de plek waar jij je ruim aan mij kunt meten. Armen
wijd gespreid zodat je niet draaien kan, in mijn smalle gang. Doe
daarna je handen strak naast je zij, draai in me om. En om en om.
Voor ben ik recht en lager, achter hoog en schuin gebouwd. Met je
handen boven je hoofd, strek ze, kun je de poort niet door. Loop
om naar de trap, of loop gewoon naar buiten. Ga tussen de wachters
bij de halte staan met je handen boven je hoofd. Is dat de plek
waar je plan in past? Of hou je staande in de hoek waar alles langs
mijn ogen trekt. Sta stokstijf stil, nee, verroer je niet. Zie door
mijn ogen. Alles blijft voorbij gaan of je meedoet of niet. Pas
mij. Pas je mij. Voel mij. Pas je mij. Meet mij.
Trek je schoenen uit, mijn bodem is heel warm. Loop weer rechtsom
en vlij je tegen mijn witte huid in de smalle gang. Mijn huid is
hier koud en vochtig maar blijf staan. Kies een gaatje, krab het
verder open. Zo zacht, toch koud, je hebt geen nagels nodig en zink
weg. Omarm die kilte, zo denk je scherper hoor. Leun in mijn huid.
Armen, benen, vingers wijd gespreid en doe je ogen dicht. Blijf
bevroren en leg je goede oor te luister. Of je met geluid een ruimte
bouwen kan? Stap door mijn huid, ga naar de plek waar vlammen warmte
gaven. Zijn de schimmen van het vuur te warm? Loop maar door naar
mijn blik op de steeg en verstening, langs mijn ruwe binnenkant.
Zag je de deksel van mijn diepste ruimte in het midden? Daaronder
in het kelderdonker met de deur goed dicht kun je ook veel zien.
Loop eerst door naar de verankerde huid met mijn oudste oog, die
heeft alles wat ik ben. Rechtsom kun je hangen aan mijn dragers.
Span je in, trek je op, je kan het wel. Sta op mijn binnenhuidse
wanden, wortel je tenen als tanden in mijn vel. Warm je aan de zon
die door mijn ogen binnenkomt. Of wil je eerst proeven, herkauwen
hoe ik ben.
|
|
...gedroomd dat die projectie klikbaar was met stok zonder snoer
en die ander had een duwknop vast. vloer bestrooid met zand. rare
droom. een performance als opening, nee, als afsluiting, meerdere
gasten, maar dan zit ik met die muren, lijst maken om af te vinken.
de muren zijn echt poreus. als ik die gezichten dan meer inzoom,
reacties vragen, als curator kan ik wel, of iets met koken doen.
met geuren, inzoomen op de gezichten die eten terwijl ze al etend
dat geprojecteerd zien. die geluiden als we eten, zo hard soms en
dat slikken. met contactmicrofoons op een keel, kan ik dat dan genoeg
versterken. als...
|
|
Volg met je wijsvinger mijn oranjebruine sporen totdat je vinger
glad is. Zo glad dat je er doorheen kan kijken. Kies zelf maar,
de vinger links of rechts. Je duim en middelvinger schuur je doorschijnend
aan de randen van mijn tegels. Net zolang tot je het bloed ziet
kloppen rond de schaduw van je bot. Je pink en ringvinger moeten
blijven zoals ze zijn, daar steun je op. Want met doorkijkvingers
kun je achter mijn losse brokken oude geuren pakken.
Prik die drie vingers in mijn vlees achter de zwartbruine huid,
nadat je de losse stukken hebt verwijderd. Duw ze er in en houd
ze daar zolang je aan vier of vijf dimensies denken kan, afgemeten
aan mijn maten. Boor ze er in en laat ze zitten zolang je aan mij
denkt, afgemeten aan jouw maten. Als je vingers vol zijn, trek ze
terug en stop ze in je mond om te zuigen. Proef je het boterharde
zoet van mijn oude fabriek? Of proef je de witte beer die in mij
is gebleven. Als je zo niet proeven kan, loop dan links om de hoek
onder de dragers en krab met je nagels de zwart losse stukken kapot.
Stamp ze met je voeten tot stof, wrijf het stof in de vloer met
je blote voeten. En stop de brokken steen die overblijven in je
mond, kauw maar flink je wangen stuk, je tanden glad. Vermaal ze,
vermaal ze goed en fanatiek. Dan proef je mijn as, vermengd met
jouw bloed, met het zoet van wat ooit was. Proef je mij. Past je
plan in mij.
Ga naar de binnenkant van mijn binnenhuidse wanden. Je moet weten
dat mijn huid heel stevig was, voor dat ik ging groeien. Het is
nu oud, poreus, verbrokkelt snel. Je had me moeten zien toen ik
jong was. Zo zoet. Kijk door je wimpers heen en misschien zie je
nog een glimp. Pas je aan, aan mijn ouderdom of bouw je eigen wanden
binnen mijn huid. Ga rechts tussen de balken staan, met je rug tegen
dat grijs cement. Beweeg je armen opzij, omhoog en weer terug, met
de palmen op de muur. Langzaam. Net zolang tot het tintelen van
je palmen je hele lijf doorstroomt. Voel mij. Meet mij. Tintel.
|
|
“...many smiles, I think I’m just an actor, I don’t
know what I’m after”. goed nummer, hmm, ”I just
hope the ending starts at the beginning”. misschien kan ik
daar iets mee. die Kevn Kinney is absoluut niet gek. “A book
becomes a dream, just passing through the day, I just hope the ending
starts at the beginning.” ook de teksten op die andere cd’s
eens meelezen. mmm-mmm-hhmm, “hang your phone out the window,
I want to hear the pictures and the city below”. verdomde
slim. ik wil de beelden horen en de stad beneden, dat kan ik als
sample gebruiken. ik wil de beelden in je hoofd horen. dat is mooi.
gewoon in het Nederlands. dichters uitnodigen. of zonder woorden
in een instrumentale cyclus over de verschillen tussen stadsdrukte
en deze stilte. of over het lawaai van het platteland. via een telefoon...
|
|
Wil je weer omhoog, bij het begin daarboven? Blijf dan eerst staan
op de ijzeren trap. Blijf tintelen. Wrijf je voeten over de gaten,
doe dit bij elke tree. Stap bovenaan door mijn oog op de daken van
hiernaast. Hoe zie je me dan, kijk je wel? Neem dan de houten trap
naar de plek waar mijn kleinste oog naar de verte blijft staren.
Wrijf je voeten over de ruwe bodem daar, blijf wrijven, tintel door.
Via mijn kleinste oog kijk je. Misschien zie je nu het meest.
Trek je schoenen maar weer aan, beneden. Loop door naar buiten,
langs mijn tuin, en verder, rechtdoor, alsmaar rechtdoor. Daar zijn
de houten wachters, groter dan ik ooit kan zijn of zou willen wezen.
We zijn al uitgepraat die groeienden en ik. Hoe we elkaar vermaakten
ben ik vergeten. Wie er het langste wacht weten we niet meer. De
bomen die mijn wanden dragen, mijn vloeren vormen, mijn deuren zijn,
zuchten alleen als ik praat. Vooral ’s nachts, als ik fluister
dan hoor je ze kreunen. Ze zijn het groeien vergeten, ze zijn bij
mij, in mij, ik laat ze maar met hun gezucht.
Alles wat warm is, eet en kauwt ben ik nog niet mee verveeld. Jij
blijft me voelen. Jij blijft me meten. Pas je mij? Het zijpad kies
je, tot de roodwit geblokte balk. Ga dan verder langs de aangelegde
paden, hoor je de vier populieren die eeuwig ruisen, zelfs zonder
wind?
- hang your phone out the window, I want to hear the pictures
and the city below*. Verdomde slim. Ik wil de beelden horen...
- Zing maar door, laat je gedachten stromen. Stap voor stap vertaal
je je eigen wensen in beelden die ik kan zien. Ik wil ze horen,
proeven, kauwen, zelfs schijten, loop maar door, zing maar door.
- Ik wil de beelden in je hoofd horen. Inderdaad. Dat is mooi toch?
Ik loop wel zingend door als je dat zo prettig vind. Tadaa-tadádadadaa-tadádadadaa.
I just hope the ending starts at the beginning*. Als je het horen
wilt zing ik wel door. Ik nam mijn mond, ik stopte het in de koelbox
ik nam mijn dag en ik ging naar bed. Zal ik het zonder woorden doen,
in een instrumentale cyclus over de verschillen tussen stadsdrukte
en deze stilte. Hier kan ik mooie samples opnemen.”
|
| Loop
door langs de plek waar je moet spelen, door naar het veld met hekken
van wie-kijkt-naar-wie. Een hert, grote ogen, witgevlekt met struisvogelbenen
ben je even. Die stapt met grote passen. Voel je dat? Als ik je
zo bedenk, dan bestaat het ook. Loop maar door, langs de wereld
van bijelkaarwoonmensen, soms bewield, anderen niet zo snel. Alsmaar
door, rechtdoor, in de schaduw van al die houten wachters loop je.
Het knappen onder je voeten echoot tussen hun stammen. Zonder wanden,
hun hoge toppen, jij bent heel klein; wat voor ruimte is nu je plan?
Klim in die hoge boom, tak na tak, helemaal naar boven. Hoe zie
je mij door die bladerdeken, als je me vinden kan?
Vier dimensies in je denken. Of nog meer, zie het maar, zing het
maar. Alsmaar door, rechtdoor, tot aan de rand waar je kan rusten.
Zit stil en zie hoe plat en ver tegelijk het land is waar koeien
traag kwispelend, het hoofd gebogen voor het lekkerste gras, in
afgebakende velden een decor samenstellen voor jou.
|
|
...op het podium kan ook eronder. ze daar op een rij zetten. openmaken
kan ook nog. als ik het zo schuin wil laten lopen, dan wordt het
een ander effect, past dat nog bij de rest. als ik die nou voorin
plaats via de webcam, nee, ik kan dat beter, hier is het hoger.
of toch alleen maar hangen. die huiden moeten nog drogen, anders
kan ik ze niet gebruiken. de vitrine moet dichtgekit voor de maden
dan kan ik het weekend erna die stap weer laten zien. of namaken,
ja. dan wordt het nog sterker. uitvergroten maakt het abstracter.
foto’s ervan weer afstandelijker maar als ik die weer laat
verweren, nee. ik ga bellen wanneer ik alles moet aanleveren voor
de vormgever en vanaf wanneer ik erin kan. of helemaal nieuw maken,
het begin en de schroeven laten zien, helemaal...
|
|
Of je nu kriskras, langs aangelegde paden, door de grond of lucht
je weg aflegt. Als je terug bent in mij, woon dan in mijn dak als
muis met x-ray ogen. Of in mijn huid in plaats van in de ruimte
daartussen. Dan woon ik in jou.
Ik woon in jou. Mijn ogen heb je. Aan alle kanten ogen die naar
binnen en naar buiten kijken. Ik kijk door jouw ogen terwijl je
mij ziet. Ik voel je huid van binnenuit terwijl je me betast. Je
praat hardop terwijl ik luister, zwijg en jij in mij blijven zal.
Ik pas je. Ik voel je. Ik meet je. Jij past me.
Al mijn ogen die je hebt, heb ik ook.
|
© Aimée Terburg 2005
* Gedeelte songtekst Kevn Kinney, |